gezondheidszorg industrie 80pxIedereen moet kunnen rekenen op een goede gezondheidszorg, maar de vooruitzichten zijn zorgelijk. De kosten zijn onbeheersbaar en de verwachting is dat we op termijn 40% van ons inkomen aan premie moeten gaan besteden.

 

De kwaliteit van de gezondheidszorg moet maximaal zijn. Maar waarin drukken we deze kwaliteit uit? Wat maakt de gezondheidszorg zo duur? En wat is het rendement eigenlijk?

de kosten lopen de pan uit
Het aantal wanbetalers met betrekking tot de verplichte zorgverzekering neemt toe. Meer mensen kunnen de zorgpremie al niet meer opbrengen, terwijl de premie niet eens zo sterk is verhoogd voor 2013 (ten koste van een verhoogd eigen risico). De mensen die het nog wel kunnen betalen bezuinigen op hun zorgpremie door een nog hoger eigen risico te nemen en aanvullende verzekeringen te schrappen.
De financiering van de gezondheidszorg via de zorgverzekering steunt voor een deel op solidariteit en deze komt steeds meer ter discussie, dus in de knel. De media doen er nog een schepje bovenop door de controverse tussen groot- en kleingebruikers uit te vergroten zonder de nuances te belichten. Dat levert kijkcijfers op, maar het creëert een onjuist beeld en het zet ons sociale stelsel annex saamhorigheid nog verder onder druk.

Er wordt gezocht naar allerlei invalshoeken om de kosten te beheersen, waar we tegelijkertijd geen vertrouwen in hebben. Je kan je afvragen of je hiermee niet je eigen resultaat ondermijnt, maar dat is een ander verhaal. De bezuinigingskoers is bekend. Er moet efficiënter gewerkt worden. Er moeten minder personeelskosten gemaakt worden. Er moet beter worden samengewerkt en gecommuniceerd. En recent gaan er stemmen op om het basispakket te verkleinen.

Wat me opvalt is dat de effectiviteit van de gezondheidszorg nauwelijks de aandacht krijgt. Wat is eigenlijk de bijdrage van de gezondheidszorg aan onze gezondheid en, op collectieve schaal, aan de volksgezondheid? Er hangen een hoop beloften in de lucht: "als we dit meer in detail weten, dan .... als we die techniek beter onder de knie hebben, dan ....". Het is het bekende wachten op de wetenschap.  En ja, er zijn ook wel succesjes, zeker! Maar ik mis het totale plaatje. Ik mis een kritisch onderzoek naar de visie waarop het gezondheidsbouwwerk rust. Ik mis een open oog en oor voor kritische artsen die ofwel een rechtszaak aan hun broek krijgen of hun beroep in de alternatieve sector gaan vormgeven. En ik mis ook een degelijke evaluatie. Hoe verhouden investeringen zich tot ziekte-aantallen, risico-verwachtingen, genezingspercentages? Om maar wat uit mijn mouw te schudden.

industriële ontwikkeling
Hoewel de gezondheidszorg een multidisciplinair bedrijf is wordt het hele systeem toch vooral aangestuurd door de geneeskunde. De medische beroepsgroep bepaalt grotendeels de inhoud en de koers van de gezondheidszorg. Maar de medische beroepsgroep zelf staat onder invloed van het bedrijfsleven.
De kennis van de geneeskunde wordt voor een belangrijk deel betrokken van de farmaceutische industrie. Daar wordt bij geneesmiddelonderzoek veel informatie vergaard over de biochemische processen in ons lichaam. Deze informatie wordt in de medische opleiding gebruikt om de aanstaande artsen hun medische kennis bij te brengen. De kunde van de geneeskunde ontwikkelt zich in nauwe samenwerking met de technologische industrie. We zien dus dat twee belangrijke pijlers van de medische wetenschap in de industriële sector liggen. Door de successen in het recente verleden van deze twee ontwikkelingen is de visie van de medische beroepsgroep steeds meer opgeschoven in de richting van de technologie. Of dit nu een prothese of een pil is, het accent in de gezondheidszorg is komen te liggen op een technologische kijk op ons lichaam. En dit produceert een voornamelijk fysisch-chemische visie op ziekte en gezondheid.

kijk op kwaliteit
Aan deze beperkte visie wordt de kwaliteit van de gezondheidszorg opgehangen. Hoe geavanceerder de medische apparatuur, hoe beter de gezondheidszorg wordt gekwalificeerd. Hoe handvaardiger de medici zijn, hoe beter een ziekenhuis wordt aangemerkt. Hoe verder de specialisatiegraad van de gezondheidszorg, hoe hoger deze staat aangeschreven. Moderne technologie en farmacologie voeren het bewind in de gezondheidszorg. Hiermee kunnen levens gered worden, handicaps de wereld uit geholpen en ontspoorde lichaamsprocessen gereguleerd worden. Dit is ongetwijfeld een positief gegeven. We hoeven alleen maar te kijken naar de verrichtingen op de intensive care of in de operatiekamer. Een aantal invaliderende ziekten kunnen in banen geleid worden en de dood kan worden uitgesteld. Maar … de gezondheidszorg heeft voor een substantieel deel te maken met veel minder spectaculaire problemen. Er wordt ook veel gedokterd zonder dat het genezing oplevert. Er worden mensen genezen verklaard en desondanks regelmatig heropgenomen. Het dagelijks pillen slikken is voor veel mensen de gewoonste zaak van de wereld. Huisarts en specialist worden door velen op vaste basis bezocht voor controle. Zolang mensen kunnen functioneren in de samenleving worden ze als gezond beschouwd, met of zonder medische steun.

inadequaat mensbeeld
In mijn artikel ”Een 19e eeuws wetenschapsmodel” heb ik al eens aandacht besteed aan de ontwikkeling van het medische mensbeeld. Toch wil ik hier kort op terug komen. Maatschappelijke systemen, waaronder dus de gezondheidszorg met al zijn gekoppelde beroepen en wetenschappen, zijn gebouwd op het basisidee van een scheiding tussen lichaam en geest. De geest is al lang geleden van het medisch toneel afgevoerd en de schijnwerpers staan op het lichaam gericht. Met behulp van de toenmalige wetenschap werd het lichaam tot object gereduceerd zodat het kon worden “begrepen” in vorm, getal en maat. De menselijke maat is er helemaal afgestript. De patiënt als objectief lichaam (met een sociale functie) is nog steeds het uitgangspunt voor de definities van gezondheid, ziekte en genezing. Dat een lichaam een menselijke geest “bevat” en dat lichaam en geest een intense relatie met elkaar onderhouden is een realiteit die niet in de medische realiteit past. En dus bestaat er nauwelijks tot geen kennis over dit samenspel dat gezondheid en ziekte bepaalt. Gevangen in dit dualistische mensbeeld is de geneeskunde, met de gezondheids-zorg in het kielzog, ondergeschikt geworden aan technisch-wetenschappelijke ontwikkelingen. En biedt het geen mogelijkheden voor de ziekten van morgen, die vandaag al spelen.

een medisch manco
Na dit filosofische uitstapje keren we terug naar het wereldtoneel. De industriële ontwikkeling heeft de medische aandacht geleid naar ziektebeelden die meetbare symptomen en afwijkingen vertonen. "Meten is weten" is het bekende adagio in de hedendaagse gezondheidszorg. Medische technologie is een beslissend onderdeel gaan vormen in de diagnose. Er moet dus iets meetbaar mis zijn in ons lichaam, wil de geneeskunde iets kunnen vaststellen en wil de gezondheidszorg iets kunnen bieden. In de meeste gevallen is er een tijdsverloop tussen niets aan de hand en ziek zijn, wat overigens niet hetzelfde is als je ziek voelen.

De geneeskunde is bekender met het verloop van ziekte dan het verloop van gezondheid naar ziekte, maar men onderkent wel stadia tussen gezondheid en ziekte. Men spreekt bv. van prodromen: verschijnselen die voorafgaan aan symptomen. Dat kunnen klachten zijn, maar ook afwijkingen. Het hangt van de persoon af of deze de voorverschijnselen opmerkt dan wel op zijn waarde beoordeelt. Echter, de geneeskunde heeft niet veel grip op de voorstadia van ziekte. Er is veel kennis van ziekten, maar weinig kennis van gezondheid en de voorstadia van ziekte. Gezondheid wordt kwantitatief bepaald en is in de praktijk synoniem voor geen klachten en/of geen afwijkingen. Veel artsen zullen erkennen dat luttele minuten na een gezondheidsverklaring een ziekte zich kan manifesteren of de dood zelfs kan intreden. Daarom zijn veel artsen dan ook geen voorstander van een periodieke gezondheidscheck.

De geneeskunde kan een ziekte pas definitief vaststellen als het ziekteproces is uitgekristalliseerd. De premanifeste periode valt grotendeels buiten het geneeskundig kennisgebied. De medische focus ligt op het laatste station van het ziekteproces en de gezondheidszorg komt pas in actie als de ziekte in zijn laatste stadium, de fysieke afwijking, verkeert. Het kan niet anders dat men dan met grof geschut en veel kunst en vliegwerk aan de bak moet om het tij te keren. Het kunst en vliegwerk is een dure aangelegenheid.

het ziekteproces in beeld
Ons leven speelt zich af zich tussen geboorte en dood. De dood markeert ons aller einde hier op aarde en we kunnen dit gezond betreden, maar dikwijls verloopt deze route langs ziekte. We kunnen diverse hoedanigheden onderscheiden op deze weg en dat wil ik met behulp onderstaand schema in beeld brengen.

verloop: gezondheid naar ziekte

 

vroegtijdige verschijnselen
Tussen gezond en nog niet ziek kunnen we bv. veranderingen opmerken of klachten hebben die de geneeskunde niet thuis kan brengen. Van een aantal medische ziektebeelden zijn vroegtijdige verschijnselen, prodromen, bekend. Deze kan de dokter dus wel herkennen. Voor het overige deel vind je bij de gezondheidszorg een gesloten deur. In de alternatieve sector vind je hier juist een groot en zeer gevarieerd aanbod. In veel gevallen kan men de vage klachten duiden, adviezen geven en behandelen.

symptomen
Als er sprake is van medisch bekende klachten en symptomen kan het een naam krijgen. Er hoeven dan nog geen afwijkingen te zijn. Op dit terrein hebben zowel alternatief als regulier een behandelaanbod. We hebben hier een keus. Beide optieken zijn gericht op herstel. De alternatieven werken samen met de innerlijk aanwezige, natuurlijke herstelkracht. De geneeskunde werkt de symptomen weg.

afwijkingen
Afwijkingen worden meestal vastgesteld door de geneeskunde en vervolgens ook behandeld door de geneeskundige. Dat kan een huisarts zijn, maar ook een specialist. Op dit terrein hebben zowel alternatief als regulier een behandelaanbod dat de situatie kan herstellen. Zolang de innerlijke herstelkracht het pleit kan winnen zullen de alternatieve benaderingen veel goeds kunnen doen. Wanneer echter de lichamelijke veranderingen blijvend zijn, en dus het ziekteproces niet meer volledig omkeerbaar is, zullen de alternatieve mogelijkheden beduidend minder kunnen bewerkstelligen. Je kan hierbij denken aan een verwijderd orgaan, littekens, een genetische afwijking en weefselafwijkingen bij progressief invaliderende aandoeningen bv. multipele sclerose.

In de praktijk neemt de geneeskunde hier het voortouw. Het is overigens niet gezegd dat de geneeskunde met zijn behandelmethoden volledig herstel kan bereiken. Vaak zie je dat mensen lange tijd tot zelfs levenslang aan medicijnen blijven vastzitten, wat niet eens altijd noodzakelijk is. Als medicijnen je van de klachten hebben afgeholpen denk je al gauw dat je het zonder die medicijnen niet redt en dus blijf je ze maar slikken. Voor de zekerheid.

chroniciteit & invaliditeit
In dit stadium verdwijnt de ziekte niet meer. Herstel is dus niet meer bereikbaar. Met hulpmiddelen kan het leven nog wel geleefd worden en soms ook heel goed. Zowel de geneeskunde als de alternatieven kunnen nu voornamelijk ondersteuning bieden. Hiervan moeten we de waarde niet onderschatten.

september 2012

 BESCHOUWINGEN

hoofdcat beschouwingen 120

 

 

 

 

geneeskunde
gezondheidszorg
nanogeneeskunde

download gz

gezondheidszorg download

Ga naar boven
JSN Boot template designed by JoomlaShine.com